Aanslag gemeente: on(t)roerend goed?

In het voorjaar vallen de aanslagen van de gemeenten in de bus. Graag willen we u nadere informatie geven, zodat u kunt beoordelen of bezwaar voor u nuttig is.

Een enkele brief met meerdere besluiten
De aanslag omvat verschillende onderdelen, die elk als afzonderlijk (deel-)besluit kunnen worden gerekend. De aanslag bevat een waardebepaling volgens de Wet waardering onroerende zaken (afkorting WOZ) alsmede aanslagen voor gemeentelijke belastingen en heffingen.

WOZ waarde
Elk jaar wordt de waarde bepaald van onroerende zaken. Afhankelijk van uw situatie betreft het bijvoorbeeld de waarde van een woning of bedrijfspand. Er is sprake van een peildatum. Deze ligt ongeveer een jaar voor de aanslag.

De waarde volgens de WOZ is – simpel gezegd – de marktwaarde. Daarbij geldt ook, dat wordt uitgegaan van de situatie alsof de onroerende zaak vrij verkocht kan worden. Beperkingen, zoals verhuur of zakelijke rechten, tellen niet mee. Een pand dat bijvoorbeeld verhuurd is, wordt gewaardeerd alsof het niet verhuurd zou zijn. De waarderingskamer houdt toezicht en geeft een brochure uit met vragen en antwoorden.

Hoe wordt de waarde bepaald?
Kort samengevat komt het erop neer, dat er een berekening wordt uitgevoerd, waarbij tevens de onroerende zaak (object) wordt vergeleken met soortgelijke objecten in de omgeving, die bijvoorbeeld recent verkocht zijn. Aan de hand van een reeks eigenschappen en kenmerken wordt een uitkomst verkregen, die volgens de taxateur (de gemeente) juist is. Belangrijke wijzigingen na de peildatum, zoals een verbouwing, worden meegenomen bij de waardebepaling. In dat geval is ook de datum van belang waarop de gewijzigde toestand is getaxeerd.

Rekenmodel of recente koopprijs?
Uit de rechtspraak blijkt, dat de rechter vindt dat de koopprijs de marktwaarde beter weergeeft dan een berekening. Dat is ook logisch, want als een woning recent van eigenaar is verwisseld, zal de koopprijs meestal de waarde goed benaderen. Natuurlijk moet er wel sprake zijn van vrije verkoop. Was er een recente transactie, waarvan de prijs fors lager was dan de waarde volgens de aanslag, dan loont het beslist de moeite om bezwaar te maken.

Geen bezwaardrempel meer
Na de invoering van de WOZ regende het bezwaren, waardoor de overheid veel werk kreeg. De politiek vond dat niet zo handig en bepaalde dat er geen bezwaar mag worden gemaakt, als de waarde niet erg veel afwijkt (art. 26a WOZ). In onze woorden: “De burger moet niet zeuren over kleinigheden”. In 2010 is door de Hoge Raad beslist, dat deze bepaling niet meer mag worden toegepast*.

WOZ waarde voor allerlei belastingen, niet alleen OZB
Vaak wordt gedacht dat de WOZ waarde alleen van belang is voor de gemeentelijke belastingen, zoals de OZB en waterschapsheffingen. Het is goed om te vermelden, dat de WOZ waarde inmiddels ook wordt gebruikt voor de inkomstenbelasting en successierecht (erfbelasting). De gevolgen voor de belastingbetaler kunnen dus fors zijn. Overigens, maar dat terzijde, kan de toepassing van de WOZ waarde voor successierecht behoorlijk onredelijk werken. Denk maar eens aan een verhuurde zaak, waarvan de waarde in het economisch verkeer fors lager kan uitvallen dan de theoretische WOZ-waarde zonder huurverplichtingen. We zouden hierover nog wel eens een potje willen stoeien…

Verschil tussen belastingen en heffingen
De aanslag omvat naast de waardebeschikking ook belastingen en heffingen. Het verschil tussen belasting en heffing is dat de gemeente bij belastingen vrij bepaalt hoe het geld besteed wordt, terwijl er bij heffingen sprake moet zijn van kosten voor een bepaalde voorziening. Zo mag bijvoorbeeld een rioolheffing alleen betrekking hebben op de kosten van de riolering. De tarieven worden door de gemeenteraad vastgesteld.

Algemene bezwaren tegen belastingen en heffingen
Wij zijn van mening dat gemeenten veelal beter moeten omgaan met gemeenschapsgeld. Te vaak worden de uitgaven voor lief genomen en de inkomsten daaraan “aangepast”. Het is lastig om daartegen op te komen. De Algemene wet bestuursrecht (Awb) sluit beroep uit tegen beslissingen van bijvoorbeeld gemeenteraden (art. 8:2 Awb). Ben je het niet eens met de tarieven van de belasting, dan heb je in principe gewoon pech.

Maar indirect beroep is wel mogelijk, als tegen een z.g. uitvoeringsbesluit bezwaar wordt gemaakt. De jaarlijkse aanslag is een uitvoeringsbesluit en een rechter kan beoordelen of dat besluit voldoet aan algemene rechtsbeginselen.

Bezwaar maken
Indien u van mening bent dat de aanslag of de vastgestelde WOZ-waarde onjuist is, kan bezwaar worden gemaakt. Het kan bijvoorbeeld zijn dat een bepaalde belasting of heffing op u niet van toepassing is. Maar ook als u het niet eens bent met de WOZ waardebepaling, kunt u bezwaar maken. Het is noodzakelijk om het bezwaar binnen zes weken na de datum van het besluit (aanslag) in te dienen. Te laat is te laat, dus wacht niet! Om uw bezwaar te “redden” kunt u een z.g. pro-forma bezwaarschrift indienen en vragen om de gronden later aan te vullen. Normaliter krijgt u dan enkele weken uitstel. De aanslag moet vermelden waar u bezwaar kunt maken. Ook kan het zijn dat u via internet bezwaar kunt maken.

Beroep
Als uw bezwaar ongegrond wordt verklaard, dan kunt u bij de rechtbank in beroep gaan. U mag dat zelf doen, een advocaat is niet verplicht. De kosten vallen erg mee, want het griffierecht voor dergelijke beroepen is betrekkelijk laag. Toch wordt er slechts zelden beroep aangetekend tegen afgewezen bezwaren en wij hebben de indruk dat de gemeenten** om die reden in de verleiding komen om bezwaren hoe dan ook af te wijzen. Onze ervaring leert dat er na een beroep bij de rechtbank pas echt druk op de ketel komt te staan. Let bij een beroep ook op de agenda, want ook hierbij geldt een termijn van zes weken.

De trechter
We zullen u niet plagen met een uitvoerig juridisch verhaal, maar het is wel goed om te weten, dat alleen beroep bij de rechtbank mogelijk is over onderdelen, waartegen bezwaar is gemaakt. Had u bijvoorbeeld alleen geprotesteerd tegen de WOZ-waarde, dan kunt u niet achteraf bij de rechter klagen over de belastingaanslag. Ten aanzien van de argumentatie is de rechtspraak “soepeler”, maar wij achten het toch van belang om reeds in de bezwaarfase de gronden van het bezwaar zo goed mogelijk naar voren te brengen. Houdt u het “te simpel”, dan kan dat bij een eventueel beroep problemen veroorzaken. Voorkomen is beter dan genezen…

Toen en nu
Bij de beslissing op bezwaar moet worden uitgegaan van regels en omstandigheden, die gelden op het moment dat de beslissing op bezwaar wordt genomen. Als bijvoorbeeld een voorschrift wijzigt na het indienen van bezwaar, dan moet met het nieuwe voorschrift rekening worden gehouden. Bij de rechtbank is dat anders: de rechter beoordeelt de juistheid van het besluit aan de hand van de toen geldende regels en omstandigheden.

_______________

* HR 22 oktober 2010, LJN: BL1943

** eigenlijk het betreffende orgaan van de gemeente